Er is een versie van Panama die bijna iedere reisgids kent. Panama-Stad, het Panamakanaal, Bocas del Toro, San Blas, Boquete en Santa Catalina. Allemaal zijn ze populair met een goede reden. Maar samen vertellen ze slechts een klein deel van het verhaal.
Het echte avontuur begint vaak wanneer je de bekende routes achter je laat.
Panama is een geweldig land voor backpackers die graag zelf op ontdekking gaan. Op relatief korte afstand van elkaar vind je Caribische dorpjes, verlaten stranden aan de Grote Oceaan, nevelwouden, koffieplantages, oude Spaanse forten, afgelegen vissersdorpen, tropische eilanden en bergen waar de temperatuur plotseling flink lager ligt.
En juist daar wordt reizen interessant.
Dit zijn de plekken waar je ineens in een bus zit tussen lokale boeren, in een rivier zwemt zonder iemand anders te zien, ergens langs de weg bij een klein restaurant belandt of ontdekt dat je telefoon al uren in je tas zit omdat er simpelweg niets is dat je hoeft te checken.
Portobelo: piraten, forten en een vergeten stukje Caraïben
Portobelo voelt alsof je midden in een avonturenroman terechtkomt.
Het kleine plaatsje aan de Caribische kust heeft een geschiedenis die bijna te mooi klinkt om waar te zijn. Tijdens de Spaanse koloniale periode was Portobelo een van de belangrijkste havens van de Nieuwe Wereld. Goud en andere rijkdommen kwamen hier samen voordat ze verder werden vervoerd, waardoor piraten en kapers maar al te graag een bezoek brachten.
De oude forten staan nog altijd langs de baai en worden langzaam teruggenomen door de tropische natuur.
Maar Portobelo is veel meer dan geschiedenis.
Afro-Caribische cultuur, muziek, eten, jungle en zee geven het dorp een bijzondere sfeer. Wandel door de oude ruïnes, verken het dorp, zoek iets lokaals te eten en ga daarna gewoon ergens aan het water zitten.
Portobelo is geen plek die je snel moet afvinken.
Het is een plek om te vertragen.
Lost and Found Hostel: verdwalen in het nevelwoud
Er zijn hostels waar je alleen slaapt voordat je de volgende ochtend weer verdergaat.
En dan zijn er plekken die zelf een onderdeel van je reis worden.
Lost and Found Hostel ligt hoog in het Fortuna Forest Reserve in Chiriquí, tussen Boquete en Bocas del Toro. Het hostel ligt midden in het bergachtige nevelwoud en is niet zomaar een accommodatie naast een hoofdweg. Je moet ernaartoe wandelen.
En dat verandert de hele ervaring.
's Ochtends trekken wolken door het bos. Kolibries vliegen tussen de bomen. De lucht is koel en fris en vanuit het hostel beginnen wandelpaden die diep de jungle in lopen.
Er zijn wandelingen, watervallen, rivieren, jungle-avonturen en een beroemde schattenjacht waarbij backpackers door het bos op zoek gaan naar aanwijzingen.
Maar het meest bijzondere aan Lost and Found is misschien wel de sfeer.
Reizigers komen soms aan met een strak reisschema en ontdekken na één dag dat ze eigenlijk helemaal geen zin meer hebben om verder te reizen.
En soms is dát precies waar backpacken om draait.
Cerro Punta: het koele bergland van Panama
Na een paar dagen zweten aan de kust kan aankomen in Cerro Punta bijna voelen alsof je een ander land binnenrijdt.
De temperatuur daalt. De bergen worden intens groen. Mist hangt tussen de heuvels en overal zie je landbouw en kleine boerderijen.
Cerro Punta ligt hoog in de bergen van Chiriquí en is een geweldige bestemming voor reizigers die graag wandelen en de natuur ontdekken.
Hier draait het niet om het nachtleven.
Je staat vroeg op, wandelt door de bergen, ontdekt kleine wegen, loopt door landbouwgebieden en trekt richting de nevelwouden.
Niet één bepaalde bezienswaardigheid maakt Cerro Punta bijzonder.
Het is het hele landschap.
Punta Burica: waar Panama bijna ophoudt
Als je echt wilt weten wat afgelegen reizen betekent, kijk dan eens naar Punta Burica.
Dit afgelegen schiereiland steekt ver uit in de Grote Oceaan, vlak bij de grens met Costa Rica. Het landschap is compleet anders dan dat van de bekendere toeristische kustplaatsen.
Je vindt er afgelegen stranden, vissersgemeenschappen, bossen en lange stukken kust waar maar weinig is ontwikkeld.
Punta Burica is niet per se de gemakkelijkste bestemming om te bereiken.
En juist daarom is het interessant.
Hier gaat het niet om tien bezienswaardigheden op één dag.
Het gaat erom ergens aan te komen en te beseffen dat er misschien bijna geen andere reizigers in de buurt zijn.
Cambutal: aan het einde van de weg
Cambutal voelt alsof je aan het einde van de wereld bent aangekomen.
Helemaal in het zuiden van het Azuero-schiereiland komen tropische bergen samen met de Grote Oceaan. Het kleine dorp staat bekend om het surfen, maar wie wat langer blijft, ontdekt een heel andere kant van het gebied.
Achter de stranden begint de jungle.
Er zijn rivieren, watervallen, wandelpaden en natuurlijke zwembaden. Vooral het gebied rond de Seven Falls is interessant voor reizigers die een dag wandelen willen combineren met zwemmen in natuurlijke poelen.
En dan zijn er de zonsondergangen.
De Grote Oceaan verandert 's avonds in een enorme oranje gloed voordat de lucht langzaam rood en paars wordt.
Cambutal is het soort plek waar twee nachten gemakkelijk vijf nachten kunnen worden.
Santa Fe: het vergeten berggebied van Panama
Santa Fe in de provincie Veraguas is een van die plaatsen die backpackers veel te vaak overslaan.
Terwijl reizigers van Panama-Stad naar Bocas del Toro, Boquete of Santa Catalina reizen, ligt Santa Fe rustig verscholen in de bergen.
Watervallen, rivieren, bossen en kleine landbouwbedrijven bepalen het landschap.
Je kunt 's ochtends gaan wandelen, 's middags zwemmen in een natuurlijke poel en 's avonds iets lokaals eten in het dorp.
Er is hier geen enorme toeristische industrie.
Geen kilometerslange straat vol toeristische restaurants.
Geen gigantische hotelcomplexen.
En precies dát maakt Santa Fe zo aantrekkelijk.
Pixvae: het vergeten vissersdorp aan de Grote Oceaan
Pixvae is het soort plek waarbij je jezelf afvraagt:
"Hoe kan het dat ik hier nog nooit van heb gehoord?"
Dit kleine dorp aan de Pacifische kust van Veraguas ligt tussen jungle, stranden en kleine gemeenschappen.
De reis ernaartoe is al een avontuur. Hoe verder je komt, hoe meer de bekende toeristische route lijkt te verdwijnen.
Je komt hier niet om tien bezienswaardigheden af te vinken.
Je komt om te vertragen.
Kijk naar de vissersboten.
Loop over het strand.
Eet iets eenvoudigs.
Praat met de lokale bevolking.
Kijk uit over de eindeloze oceaan.
Pixvae laat een veel rauwere en minder toeristische kant van Panama zien.
Isla Gobernadora: het eiland dat bijna iedereen vergeet
Iedereen kent Bocas del Toro.
Maar Panama heeft nog ontzettend veel andere eilanden.
Isla Gobernadora, voor de kust van Veraguas, is een van die plaatsen die nauwelijks internationale aandacht krijgen.
Je vindt er tropische stranden, een enorme oceaan en een sfeer die veel rustiger is dan op de bekendere eilanden.
Er is geen eindeloze lijst met bars en activiteiten.
Soms is dat juist de luxe.
Een eiland waar het enige plan is om helemaal geen plan te hebben.
De Golf van Chiriquí: verder dan Santa Catalina
Santa Catalina is inmiddels behoorlijk bekend, vooral vanwege de toegang tot Coiba.
Maar de Golf van Chiriquí heeft nog veel meer te bieden.
Tientallen eilanden, riffen, kleine stranden en afgelegen plekken liggen verspreid over dit deel van de Pacifische kust.
De wateren zijn rijk aan zeeleven en hoe verder je van de bekende bestemmingen af gaat, hoe sterker het gevoel wordt dat je door een echt wilde regio reist.
Voor backpackers die houden van natuur, duiken, snorkelen en boottochten is dit een fantastische regio.
Valle de Antón: een dorp in een oude vulkaankrater
Valle de Antón is geen compleet verborgen geheim meer, maar veel reizigers blijven er niet lang genoeg.
Het dorp ligt in een enorme oude vulkaankrater, omringd door bergen en tropisch bos.
Je kunt er wandelen, watervallen ontdekken, door het bos lopen en genieten van een koeler klimaat dan aan de kust.
Het is een uitstekende plek om even te ontsnappen aan de drukkere toeristische routes.
En de bergen geven het gebied een totaal ander karakter dan de rest van Panama.
La India Dormida: wandelen met uitzicht
Voor wandelaars is La India Dormida een van de interessante wandelingen rond Valle de Antón.
De berg dankt zijn naam aan de vorm die, vanuit bepaalde hoeken bekeken, lijkt op een slapende vrouw.
De wandeling brengt je steeds hoger boven de krater en geeft prachtige uitzichten over de omliggende bergen.
Het is misschien niet de zwaarste wandeling van Panama.
Maar juist dat maakt het perfect voor backpackers.
Het is het soort avontuur dat je spontaan aan een reisdag kunt toevoegen en waar je later nog lang aan terugdenkt.
La Yeguada: een meer midden in de natuur
La Yeguada in de provincie Veraguas is nog veel minder bekend.
Rond het meer liggen bossen en bergen, waardoor het een uitstekende bestemming is voor reizigers die echt even weg willen van steden en toeristische drukte.
Je komt hier om te wandelen, te kamperen, natuur te bekijken en simpelweg buiten te zijn.
Er is geen lange lijst met attracties.
Je komt hier voor de rust.
En soms is dat de beste manier om Panama te ervaren.
Het Azuero-schiereiland: op zoek naar het echte Panama
Het Azuero-schiereiland verdient veel meer aandacht van backpackers.
Naast Cambutal zijn plaatsen als Pedasí, Tonosí en talloze kleinere dorpen interessante plekken om een heel andere kant van Panama te ontdekken.
Het landschap is hier vaak droger en opener dan de vochtige bossen van Chiriquí.
Kleine wegen lopen door dorpen en landbouwgebieden en eindigen soms plotseling bij de Grote Oceaan.
Hoe verder je reist, hoe minder het voelt als een traditionele vakantie.
En hoe meer het voelt als een echt avontuur.
De plekken tussen de bestemmingen
Een van de grootste fouten die backpackers in Panama maken, is alleen denken in termen van bestemmingen.
Want een groot deel van het avontuur gebeurt tussen de bestemmingen.
Een bus die ergens de bergen in verdwijnt.
Een klein restaurant met drie tafels.
Een strand waar niemand op Instagram over praat.
Een lokale bewoner die vertelt over een verborgen waterval.
Een buschauffeur die zegt dat je moet uitstappen op een plek waar je nog nooit van hebt gehoord.
Dat zijn vaak de momenten die het langst in je geheugen blijven.
Waarom Panama perfect is voor backpackers
De grootste kracht van Panama is niet één spectaculaire attractie.
Het is de enorme variatie binnen een relatief klein land.
Je kunt 's ochtends aan de Caribische kust staan, een oude Spaanse vesting bezoeken, de volgende dag door de bergen reizen, in een nevelwoud slapen en een paar dagen later op een bijna verlaten strand aan de Grote Oceaan zitten.
Je kunt vissersdorpen ontdekken, door koffieplantages wandelen, in een bergrivier zwemmen, naar een afgelegen eiland varen of simpelweg een paar dagen in een klein dorp blijven omdat je helemaal geen zin hebt om verder te gaan.
En daarom moet je Panama niet te snel bereizen.
Neem die vreemde bus.
Neem de weg die nergens naartoe lijkt te gaan.
Blijf een nacht langer.
Vraag een local waar hij naartoe zou gaan als hij drie dagen vrij had.
Zo ontdek je plekken als Pixvae, Cambutal, Santa Fe, Cerro Punta, Punta Burica en de talloze andere vergeten uithoeken van Panama.
En ergens tijdens je reis, zittend op een strand of kijkend hoe de wolken tussen de bergen zakken, besef je misschien iets:
Het Panama dat je dacht te komen ontdekken, is misschien helemaal niet het Panama waar je uiteindelijk verliefd op wordt.
En precies daar begint het echte avontuur.

